Belangrijke informatie tijdens revalidatie
Let op de juiste volgorde van oefenen
Na een knieprothese denken veel mensen dat veel lopen helpt bij het herstel. Dit is niet altijd zo. Na de operatie kan er snel littekenweefsel in de knie ontstaan. Daardoor kan de knie stijf worden en minder goed buigen of strekken.
In de eerste 4 tot 6 weken is het daarom belangrijk om te focussen op het soepel maken van de knie. Dit doet u met speciale oefeningen. Lange wandelingen, het opbouwen van kracht en conditie komen pas later. Begeleiding door een fysiotherapeut is hierbij erg belangrijk.
Neem voldoende pijnstilling
In de eerste weken of maanden na een knieprothese is het normaal dat u pijn heeft. Ook als u pijnstillers gebruikt. Blijf vooral paracetamol innemen. Let op dat u nooit meer gebruikt dan de maximaal is toegestaan.
Oefenen gaat makkelijker als u minder pijn heeft. Koelen helpt ook goed, zowel voor als na de oefeningen. U kunt een coldpack gebruiken of een zak diepvrieserwten. Dit mag zo vaak als u wilt.
Praktische tip:
Koel 15 minuten na het oefenen. Wacht daarna 45 minuten. Koel daarna opnieuw 15 minuten met een koude pack.
Gebruik krukken of een rollator zo lang als nodig
Stop pas met krukken of een rollator als u weer normaal kunt lopen. Gaat u te vroeg zonder hulpmiddel lopen? Dan is de kans groter dat u verkeerd gaat lopen, bijvoorbeeld met hinken of trekken.
Vergelijk uzelf niet met anderen
Iedereen herstelt op zijn eigen manier. De één heeft meer pijn of durft minder dan de ander. Ook het herstel van het weefsel verschilt per persoon. Dit geldt ook als u eerder een knieprothese aan de andere knie heeft gehad.
Blijf langere tijd onder begeleiding van een fysiotherapeut
Het herstel na een knieprothese kost tijd en energie. Dagelijks oefenen is erg belangrijk. U krijgt een oefenprogramma mee. De fysiotherapeut helpt u hierbij en is er voor vragen en advies.